Mijn eerste stagedag op IJsland
´Wat is het warm vandaag,´ zegt een collega tegen mij. Warm, denk ik en ik werp een blik op mijn telefoonscherm, daar lees ik dat het 16 graden is. In Nederland zou ik nu minstens een vest en waarschijnlijk daarover nog een jas dragen maar hier in IJsland lopen mijn collega’s in T-shirt rond. We komen aan bij een glooiend weiland. Dat het weiland in het midden hoger ligt is expres zo gedaan, hoor ik van een IJslandse collega. Op deze manier kan water makkelijker weglopen en blijft er minder sneeuw op weiland liggen. Een dikke laag sneeuw is namelijk funest voor de granen en grassen die op het weiland worden geteeld.
De grasmat ziet er nu nog fleurig uit maar dat zou zo maar eens kunnen veranderen. Dit weiland is namelijk eigendom van de agrarische universiteit van IJsland en wordt ingezet voor een bemestingsexperiment. Over het hele weiland zijn kleine houten paaltjes in de grond geplaatst die vakken van 10m2 afbakenen.

Voordat de bemestingswerkzaamheden kunnen beginnen wordt er eerst een nulmeting gedaan. Ik krijg een klein notitieboekje en een pen en mag achter een collega aanlopen. Zij heeft een NDVI-meter vast en leest de getallen die op het scherm verschijnen op. Ik noteer de getallen bij de juiste vakken in het notitieboekje. Een NDVI-meter meet met behulp van verschillende kleuren licht hoe groen het gras is. Of het gras ook groener is in IJsland dat weet ik overigens niet.
Als we klaar zijn met de metingen kan het toevoegen van meststoffen beginnen. Elk vak krijgt een andere behandeling en de behandelingen zijn at random verdeeld over het weiland. Van het weiland is een kaart gemaakt met nummers en behandelingen. Ik loop met de kruiwagen met jerrycans met minerale meststoffen achter mijn collega aan. Zij bekijkt de kaart en telt intussen de paaltjes zodat ik de juiste jerrycans bij de juiste vakken kan neerzetten.


Als de eerste jerrycans klaar staan kan het spuiten beginnen. Dit spuiten wordt handmatig gedaan met een wagentje met bovenin een trechter en een lege jerrycan. De volle jerrycans worden in de jerrycan op het wagentje gegoten. Vervolgens stromen de meststoffen door kleine spuitmondjes op het weiland. Ik loop op elk vak net zo lang naar voren en naar achteren totdat alle vloeistof door de kleine spuitmondjes is gelekt. Het voelt alsof ik een kinderwagen naar voren en naar achteren duw.
Intussen is er ook een klein trekkertje het land verschenen dat de eerste lading vloeibare mest bij zich heeft. De trekker rijdt de eerste rij koeiendrijfmest uit. Aan het einde van de rij maakt hij een bocht rondom het veld en rijdt daarna nog een keer over dezelfde rij. Als alle koeienmest is uitgereden komt hij met een lading vissenmest. Mijn collega verzekert mij dat de menselijke uitwerpselen pas aan het eind van de dag worden uitgereden dus over die geur hoef ik mij nu nog geen zorgen te maken. Menselijke uitwerpselen mogen bij hoge uitzondering gebruikt worden omdat het om een experiment van de agrarische universiteit gaat.

We lopen een beetje achter met het verspreiden van de minerale meststoffen. Dit betekent dat ik nu over de rij met koeienmest heen moet lopen met het wagentje. De geur is nog te overzien en de zon schijnt dus ik loop rustig door de rij. Totdat ik mijn voet ineens klam aanvoelt.

Mijn eerste gedachte is dat ik last heb van zweetvoeten. Ik had tenslotte mijn dikke wollen sokken aangedaan. Na een tijdje wordt mijn rechtervoet echter steeds natter en mijn linkervoet blijft angstvallig droog. Ik til mijn laars een stukje op en zie dat er een grote scheur dwars over mijn laars is ontstaan. Er hangt zelfs een stuk rubber zo groot als een ei bijna los van de laars. Jakkes denk ik, mijn eerste dag en nu zijn mijn laarzen al lek. Gelukkig ben ik net bij het einde van de koeienmestrij aangekomen.
Mijn collega zegt dat ze het erg voor me vindt maar op haar gezicht kan ik toch een klein glimlachje bespeuren. Ze biedt aan om de volgende rij van me over te nemen en ze verzekert me dat we morgen nieuwe laarzen gaan uitzoeken. Ik trek mijn natte stinkende sok voorzichtig uit en wikkel de droge linker sok eromheen. De rest van de dag loop ik met blote voeten in mijn schoenen. Als ik ‘s avonds aankom in mijn nieuwe kamertje trek ik voldaan mijn naar koeienmest ruikende kleren uit. Mijn eerste dag bij de agrarische universiteit van IJsland zit erop.